Staand skiën met een motorische handicap, geamputeerde skiërs
Skiërs die belemmerd zijn aan arm(en) of slechts één been
kunnen gebruiken, kunnen perfect leren afdalen. Dat geldt evenzeer voor skiërs
na een amputatie.
Sommigen skiën op één been, anderen met één of
zonder sticks naargelang de mogelijkheden.
Staande skiërs worden ingedeeld in één van de volgende acht
categorieën:

- LW1: Staande skiër, twee ski's al of niet verbonden, twee stabilisatoren.
Met dubbele dijbeenamputatie, skiënd met prothesen.
Met dijbeenamputatie en scheenbeenamputatie.
Met vergelijkbare handicap van beide onderste ledematen. (testend minimaal: 45
punten)
- LW2: Staande skiër, één ski, twee stabilisatoren.
Met enkelvoudige dijbeenamputatie.
Met scheenbeenamputatie skiënd zonder prothese.
Met verlamming van één van de onderste ledematen, dat moet vastgehecht
worden.
- LW3: Staande skiër, twee normale ski's en skistokken.
Met dubbele scheenbeenamputatie, skiënd met prothesen.
Met vergelijkbare handicap van beide onderste ledematen (testend tussen 15 en
45 punten)
- LW4: Staande skiër, twee normale ski's en skistokken.
Met enkelvoudige dijbeenamputatie met prothese.
Met enkelvoudige dijbeenamputatie met prothese.
Met gewrichtsverstijving van de knie of bilaterale amputatie van de voorvoet.
Met handicap aan een van de onderste ledematen die een orthese noodzaakt of minder
dan 15 punten testend.
- LW5/7: Staande skiër, twee ski's, skiënd zonder skistokken.
Amputatie, verlamming of aangeboren misvorming van beide bovenste ledematen.
- LW6/8: Staande skiër, twee ski's, skiënd met één skistok.
Amputatie, verlamming of misvorming van één van de bovenste ledematen.
- LW9: Staande skiër, twee ski's, skiënd met één
skistok.
Met amputatie van een been en een bovenste lidmaat.
Halfzijdige of gekruiste handicap van een bovenste en onderste lidmaat.
Op eenvoudige vraag via info@handiski.org
kun je de coördinaten bekomen van de arts die deze handicap toekent.
|